| Yin en Yang interview
met Peter Hertmans |
|
|||
[NA]: Je bent je muzikale leven begonnen met de studie van de piano en klassieke muziek. Wanneer en hoe is de interesse ontstaan om naar de gitaar te grijpen? [PH]: Ik ben mijn eerste tekenen van muzikaliteit beginnen vertonen toen ik een jaar of zes, zeven was, toen speelde ik op alles wat los in huis lag. Mijn oudere broer Stefan speelde gitaar, waardoor er steeds gitaren in huis rondslingerden. Toen mijn ouders merkten dat ik muzikaal was stuurden ze me naar de muziekacademie, en piano leek mij heel plezant als hoofdinstrument. Ik studeerde piano voor de muziekschool en zat ook op de gitaar te pingelen. Ik luisterde naar platen of de radio en zocht die deuntjes terug op gitaar. Het is parallel gelopen, en dat is eigenlijk het interessante eraan. Ik heb geleerd mijn gehoor te gebruiken en te improviseren, en tegelijk heb ik kennisgemaakt met bladmuziek die al geruime tijd bestaat en zeer goed gecomponeerd is. [NA]: Hoe komen je composities tot stand? Waar haal je je inspiratie? [PH]:
Dat is natuurlijk mijn klassiek verleden met Bach, dat heeft mij tot op
de dag van vandaag altijd enorm geïnspireerd. Daar heb ik basistechnieken
geleerd zoals modulaties, het opbouwen van sequenzen, melodiemotivisch
doorwerken, …. Later in de jazzmuziek waren het vooral componisten
van het ECM-label die mij enorm hebben beïnvloed. [NA]: Is muziek voor jou dan het creëren van een bepaalde sfeer of eerder het vertellen van een verhaal? [PH]: Ik denk dat het alles bij elkaar is. Ik ben heel hard bezig met moods en sferen, maar muziek is voor mij veel meer dan dat. Muziek is voor mij levensnoodzakelijk. Muziek is iets heel abstracts, als je met andere mensen samen kunt spelen dan bestaan tijd en ruimte niet meer. Ik denk dat iedere muzikant die roes, die andere dimensie opzoekt. Ik voel de helende kracht van de muziek; als ik muziek begin te spelen dan voel ik mij na een half uur een totaal andere mens. [NA]: En dat gevoel tracht je dan over te brengen naar je publiek? [PH]: Ja natuurlijk, als ik concerten speel voor een publiek dat volledig opgaat in wat ik op die moment uitstraal, dan krijg ik dat ook terug van hen. Dan delen we dat samen, en dat is meer waard dan wat dan ook. [NA]: In een interview voor het tijdschrift Jazzmozaïek noemde je jazz ‘de nieuwe wereldmuziek’. Hoe zie je de evolutie van de hedendaagse jazzfusion? [PH]: Wereldmuziek is naar mijn aanvoelen een ornamenteel iets geweest dat gecreëerd werd in studiootjes met veel synthesizers en samples, maar dat geen gepassioneerde, levend gecreërde muziek was, terwijl jazzmuziek wel zeer gepassioneerd gecreërd wordt. De invloeden die meespelen in de jazzmuziek van tegenwoordig worden steeds duidelijker en meer verscheiden. Jazzmuziek beperkt zich niet meer tot de swing en de walking bass alleen maar ook klassieke, Indische en andere invloeden vinden nu hun intrede. [NA]: Je ziet het dus eerder als een verrijking, want je zou het ook kunnen zien als een vervlakking. [PH]:
Dat denk ik niet. Jazzmuziek is niet echt een genre, het gaat veel verder.
Net als klassieke muziek, dat is ook geen genre. Klassieke muziek is universele
muziek. Van hedendaags atonaal, klassiek romantisch, tot zeer rationeel,
het kan Slavisch, Europees of Amerikaans zijn. Het kan alles zijn, maar
men noemt het klassieke muziek alsof het één genre is. Nee,
het is een bepaalde levenswijze, een bepaalde manier van denken. [NA]: Naar welke muziek luister je de laatste tijd? Welke plaat is de meest recente aanwinst binnen je collectie? [PH]: Het is al een tijdje geleden dat ik echt nog een nieuwe plaat heb aangekocht, maar wat ik de laatste tijd wel doe is oude cd’s die ik al lang heb opnieuw beluisteren. De voorlaatste echte grote ontdekking voor mij was Dharma Days van Marc Turner. En nu ben ik opnieuw aan het luisteren naar een plaat uit 1990 van Kenny Wheeler. [NA]: Sinds 1983 ben je lesgever jazzgitaar. Je gaf les aan de Jazz Studio te Antwerpen, en nu ben je leraar aan het conservatorium te Brussel en het Lemmensinstituut te Leuven. Vertel ons even over je ervaringen als lesgever. [PH]: Muzieklessen geven ligt voor mij volledig in het verlengde van mijn activiteiten als muzikant, anders denk ik niet dat ik het met zo veel overgave en al vierentwintig jaar lang op die manier zou doen. Zoals ik mij kan opladen aan de muziek, kan ik dat ook aan het lesgeven. Als ik ‘s morgens wat duf binnenkom op school omdat ik de dag ervoor een zware avond heb gehad, dan voel ik mij na een uur goed lesgeven en respons van mijn studenten terug helemaal opgeladen en blij. Ik ben eigenlijk een heel gelukkige mens, want ik kan continu met muziek bezig zijn. Er is eigenlijk geen groot verschil tussen zelf spelen en les geven. Ik speel tegenwoordig ook altijd mee met mijn ensembles, dus ik speel zelf en trek mijn leerlingen mee. Erg leuk om te doen. [NA]: Je hebt al in verschillende delen van de wereld met veel verschillende artiesten opgetreden, wat zijn je meest gekoesterde herinneringen? [PH]: Het zijn er zoveel. Al die mooie grote festivals waar ik ooit gespeeld heb, al mijn herinneringen aan Jazz Middelheim, op het podium staan met Toots Thielemans, of met Billy Hart, noem maar op... Dat zijn zo’n grote muzikanten, die mensen hebben mij zoveel bijgebracht. Het meest memorabele uit heel mijn carrière is een optreden met Billy Hart, vorig jaar in Parijs. Ik denk dat ik nog nooit zo ver gegaan ben in het samen met mensen creëren. Alles ging vanzelf, en het publiek was ook enorm mee. Heel erg leuk, echt fantastisch. En ook nog in Tunesië een jaar of drie geleden, in trio met Dré Pallemaerts en Sal La Rocca, ook van een ongekende intensiteit. [NA]: Gaat je voorkeur uit naar live spelen en touren of naar het componeren en opnemen van je muziek? [PH]: Het ene kan niet zonder het andere. Het is zoals yin en yang of dag en nacht. Het gaat steeds in een golfbeweging. Je hebt opgenomen en gespeeld en dan kijk je weer uit naar een nieuw project. De eerste fase is het uitdenken en schrijven van muziek, de tweede fase omvat de eerste repetities met de groep. Dat gaat vaak moeizaam want de muzikanten begrijpen niet altijd even goed wat je bedoelt, maar dan moet je doorzetten, uitleggen, en spelen. Met op te treden beginnen de stukken te verbeteren en begin je te voelen dat het er echt in begint te zitten. Dan ontstaat het idee om een plaat op te nemen, waardoor de muziek weer helemaal verandert omdat je in de studio zit. Je gaat een tijdje op tournee en dan begin je te voelen dat je weer wilt vernieuwen, dat het weer tijd is voor iets anders. Dat is een golfbeweging die al heel mijn leven doorgaat. Maar die continu doorkruist wordt door projecten waar ik als side-man inzit. Dan ben ik één van die medemuzikanten die kennis moet maken met de muziek van een ander persoon. Dan maak ik ook heel dat proces mee, maar dan van de andere kant, als muzikant, als uitvoerder. Zo kruisen die projecten elkaar allemaal, het ene voedt het andere. [NA]: Jullie zijn momenteel een cd aan het opnemen met het Peter Hertmans Quartet. Hoe zou je jullie sound kunnen omschrijven? [PH]:
Lionel Beuvens is een zeer muzikale drummer. Hij is iemand die technisch
zeer goed is, maar ik denk dat hij techniek toch ondergeschikt plaatst
aan muzikaliteit. En daarom speel ik graag met drummers als Dré
Pallemaerts, Billy Hart en nu met Lionel Beuvens speel; allemaal muzikanten
die een dergelijke aanpak hebben. Alles wat er gebeurt in de groep hoor
je terugkomen in de drums, in die zeer muzikale manier van spelen die
volledig op interactie gebaseerd is. [NA]: Het Peter Hertmans Quartet brengt moderne jazz, wat mag het publiek verwachten? [PH]: Vooral de laatste composities die ik geschreven heb. Ik hoop dat het allemaal zal loslopen en dat er veel geïmproviseerd zal worden. Dat er boeiende verhaaltjes opgebouwd zullen worden en zijwegen genomen worden zodat de mensen er lekker in kunnen meegaan. [NA]:
Bedankt en nog veel succes met je komende projecten. terug naar Peter Hertmans Quartet
|
|
|||