Animus Anima

12 januari 2009
fred

Saxofonist, componist en bezieler van dit kwartet Nicolas Ankoudinoff is goed thuis in jazz, improvisatie en hedendaagse muziek. Geef hem een grens en hij springt erover. Niets zo fijn als een muzikale stoemp van uitersten: populaire muziek, hedendaags klassiek, jazz, noise of ambient, het passeert moeiteloos de revue in zijn carrière. Animus Anima, zijn langst overlevende en meest stabiele project, houdt het iets soberder en tast de marges van de jazz af met rock, hedendaags klassiek en subtiele elektronica.

Nicolas Ankoudinoff: saxofoon, composities
Pascal Rousseau (F): tuba
Benoist Eil (F): elektrische gitaar
Etienne Plumer (K): percussie

Gitarist Benoist Eil mengt geluid met feedback improvisaties. Tubaspeler Pascal Rousseau is een bekende op de hedendaags klassieke Parijse muziekscène en percussionist Etienne Plumer laat zich graag beïnvloeden door Afro-Amerikaanse beatmuziek. Naast hun avontuurlijke inslag hebben deze vier muzikanten met elkaar gemeen dat ze allen autodidact zijn en regelmatig bij de muzikale familie van avantgardecomponist en pianist Frederik Rzewski vertoeven. Jan, één van de telgen uit die familie tourde in januari 08’ met JazzLab Series met zijn Fiorini-Rzewski Duo.
Op het podium vertaalt dit patchwork zich naar een bitterzoete cocktail van visionaire, ironische, hard jazz rock-achtige muziek, met hier en daar een sensuele ballade en wilde uitbarstingen van improvisatorisch geweld. Philippe Dethy liet het volgende in Jazz8 optekenen: ‘Animus Anima is not more jazz than be-bop was in its time…An adventure made by not so mad scientists, dexterous art for people whose instincts are linked to their every day curiosity’ Ze noemen zichzelf de missing link tussen Pink Floyd en Archie Shepp, wij noemen hen simpelweg een band met ballen.

Nicolas Ankoudinoff leerde zichzelf saxofoon spelen en liet later zijn spel bijschaven aan het Koninklijk Conservatorium van Luik, door Garret List, Frederik Rzewski en Michel Massot. Geef hem een grens en hij springt erover. Niets zo fijn als een muzikale stoemp van uitersten; populaire muziek, hedendaags klassiek, jazz, noise of ambient, het passeert moeiteloos de revue. Hij schreef muziek voor theater en voor films en organiseerde van 2003 tot 2005 de maandelijkse Apolitical Revolution in het Brusselse culturele centrum Kan’H.
Pascal Rousseau moet een sterk kereltje geweest zijn. Nauwelijks acht jaar oud wist hij de tuba al in evenwicht te houden. Een beetje groter en sterker kon hij ook stappen met het ding en vervoegde hij een straatgroep ‘La Clique sur Mer’, waar hij zeven jaar bij bleef spelen. Hij studeerde in Parijs en vond in België muzikale vrienden in Laurent Blondiau, Frederik en Jan Rzewski en Garett List.
Benoist Eil is een Fransman die zichzelf gitaar leerde spelen, met platen als leermeester en hier en daar wat advies van andere muzikanten. Hij is een meester in het sculpteren van een eigen taal uit ritmes en klanken. Hij werkte met choreografen, maakte scores voor het thetaer en stichtte de Rage Dedans Band.
Etienne Plumer, Koreaan van geboorte, speelde tien jaar lang bij allerlei fanfares en trommelde in zijn vrije uren op eigen houtje op drums en tablas, tot hij het helemaal onder de knie had. Hij studeerde Filologie aan de Luikse Universiteit, en luisterde gretig naar platen van Trilok Gurtu, Tony Williams of Jack DeJohnette. Naderhand trok hij toch nog even naar het Koninklijk Conservatorium van Luik, waar hij les volgde bij Michel Massot, Garret List en Patrice Lenfant. Massot lijfde hem onmiddellijk in bij zijn band Rêve d’Eléphant, Plumer speelt ook met Turlu Tursu, Tomassenko en Sagratt.